Bass Buttons

Daar zitten meer knoppen op dan op de mijne.Update: tijdens het concert in Rotterdam legde hij uit dat er in feite maar één knop iets doet, de volumeknop.

Van de 2 snoeren zal er wel eentje (digitaal) voor het MIDI-achtige gebeuren zijn, maar die komen misschien later nog eens aan bod.  #gear

Straatsteen

Stagefright 1986In 1986 zat ook ik in een band. Een pop/rock/bluesband. Stagefright. Met een aantal covers in het repertoire, maar toch ook vooral eigen nummers die -wat elke schrijver zal beweren- toch wat ongebruikelijker waren dan anders. Door een zevenkwartsmaat te gebruiken bijvoorbeeld. Het bandje ontsteeg de middenmoot vanwege de gitarist, die in zijn vrije tijd niet stil had gezeten en aan de hand met name de licks van Alex Lifeson muzikale behendigheid had verworven.
Omdat je in je eentje geen band bent werden er nog anderen in het spel betrokken, waardoor de middenmoot juist weer gevaarlijk in zicht kwam. En waar Randy Meisner het volgens de overlevering op een gegeven moment beu was om de riedels door een ander Eagle bedacht te spelen, waren wij juist content met deze klinkende en na veel oefenen redelijk speelbare melodieën en ritmes, die er op een gegeven moment zodanig ingeslepen waren dat ze weer acceptabel als basistrack voor het improviseren op gitaar konden fungeren.
Wat me na al die jaren nog opvalt zijn de mooie gitaarpartijen. Ook wel knap en virtuoos en zo, maar vooral met smaak en harmonisch gevoel. En dat er destijds iemand met goeie oren ons had moeten durven vertellen wat er nog aan moest veranderen om het naast leuk om te spelen ook nog prettig om naar te luisteren te maken.

Nu, zo’n 25 jaar later, heeft hij het dan toch voor elkaar: de ultieme one man band. In het rijtje van Mike Oldfield, Joe Vitale en Kyteman, maar dan anders: Steenstra plays Stagefright. Start de kaartverkoop voor de reünietour maar vast!

Verschaling

Enige muzikaliteit is hem niet vreemd zou je kunnen zeggen na het ervaren van Samaouma. We kenden hem natuurlijk best al goed, maar Bona blijkt nog meer dan je al dacht een schaalvergroter, een grensverlegger: als je iedereen -denkbeeldig natuurlijk- een plekje hebt gegeven op een schaal van 1 tot 100 blijkt die schaal te beperkt voor Bona, en moet je eerder richting de 250 gaan denken dan aan 103. Een beetje zoals het een paar jaar geleden nog ondenkbaar was dat de 10 kilometer binnen de 15 minuten kon worden geschaatst. En dan hebben we het niet alleen over virtuositeit&beheersing, maar over nog minimaal 2 andere schalen. Zeldzaam.

Het kwam al eerder in mijn gedachten op: een bassist moet zijn instrument pas pakken als hij feilloos zijn partij kan zingen. Als je niet weet wat je wilt spelen, kun je het ook niet goed doen. Voor Bona is zingen, denken, inspireren en spelen één. Wat een mens!

Bas

peter-op-gitaar.jpg

Een met deze vergelijkbare foto had ik in mijn middelbareschoolagenda geplakt, alleen verraadde een baardje toen Herman Deinum, waarvan ik trouwens tegenwoordig veel minder onder de indruk ben.

Deze ken ik ook nog. We knipten en plakten wat af, toen.

Baard

Lee Sklar
image-706

Het is een misverstand dat muzikanten een grote geldingsdrang hebben. Althans, dat moet je concluderen: de echte muzikant cijfert zich weg ten gunste van het geheel. En als-ie niet hoefde te eten maakte hij nog geen platen ook.

Dat Peter Erskine zich thuis voelt in Weather Report, Vinnie Colaiuta in Karizma en Antonio Sanchez in de Pat Metheny Group, dat snap ik. Maar ik heb nooit goed begrepen wat gasten als Michael Landau bezielt om dag na dag met James Taylor op het podium te staan, maar kennelijk is dat het helemaal. Stuk voor stuk muzikanten in their own right staan jarenlang gelukzalig in de schaduw van een charismatische trekpleister. Bill Payne, Don Grolnick, Jimmy Johnson en zo zijn er nog veel meer.

Lee Sklar (60 jaar) is winnaar van de 2007 Bass Player Lifetime Achievement Award. Terecht. Zonder dat iemand hem volgens mij ooit op iets plat virtuoos heeft kunnen betrappen, weten kenners dat het hier toch niet om een mannetje uit een tweederangs bruiloftsorkestje gaat. Jarenlang op het podium met James, Jackson en Phil, en als je toevallig beelden ziet, zie je nog veel meer dan je al hoorde, verhip! Voorbeeld: Running on Empty klinkt qua bas weinig verheffend, totdat je Lee erbij ziet.

Lee tourt nu met Toto. Daar kan hij zijn ei best kwijt, al kost hem veel minder moeite dan de Porcaro die hij vervangt. Inmiddels kan ik me wel voorstellen hoe leuk het is om elke dag bij James Taylor te spelen: lekker samen musiceren tot in de finesses, genieten van je collega’s en je eigen bijdrage. Wow!

Miskenning

Er zullen niet veel mensen zijn die Kenny Gradney hun favoriete bassist noemen, ook ik niet. Maar de tegenwoordige MP3-spelertjes onthullen nu gelukkig alsnog wat vroeger je vroeger vergat te horen. Ik wed bijvoorbeeld dat er niemand is die de baslijnen van Skin It Back -het mag de LP-versie zijn- kan meefluiten, ook niet na 10 keer intensief beluisteren. De baspartij uit dit Barrère nummer uit 1974 viel me recent op door onwaarschijnlijkheid. Dit lijkt me geen bassist die dagelijks vele uren studeert op al dan niet pentatonische, phrygische of ionische ladders, maar meer een ras (New Orleans) dat ooit een basgitaar at, kauwde, terugspuugde en weer opnieuw kauwde en kauwde, totdat er geen stukje ongekauwd overbleef. Dat ongetwijfeld gecombineerd met de nodige sfeerverhogende spiritualiteiten leidt tot een fantastische groove, gespeeld met een gemak als ware het handgeklap.

Ben ik de enige die dat vindt? Nee hoor, eventjes zoeken leidt al snel tot the bass lines Kenny lays down are jaw-dropping, “Skin It Back” (with its’ tasty stop-start bass line) en Funkier than a pot of neck bones, greasier than a slab of ribs. Dit is dus kennelijk funk zonder dat het saai wordt.

Volgende keer: Tiran Porter.

Bassist

Jimmy Johnson kennen we natuurlijk van de band van James Taylor als de wonderful bassplayer. Met zijn opvallende fraaie Alembic ($17.500 meldt de prijslijst) legt hij een solide basis onder de band. Hij speelt al jaren met Michael en heeft ook niet zo veel boodschap aan het publiek. Hij staat meest zijdelings op het podium, alsof het een jamsessie of repetitie betreft.
Ik vond dat niet zo erg, hij speelde ook goed.

Jimmy blijkt in 1976 de uitvinder van de 5e snaar op de basgitaar te zijn geweest.