Featuring Branford

IMG_0412-001Zonder Branford was het zeker minder druk geweest in het Enschedees Muziekcentrum, wat niet zegt dat het kwartet zelf niet leuk is. Integendeel, de 13 uitdagende composities werden fantastisch gespeeld door “the best saxophone quartet in the world” zoals Marsalis de mannen wat plichtmatig maar met veel respect noemde. Hij had een paar dagen gekregen om de stukken te oefenen, en ik heb hem op geen fout kunnen betrappen.

Afterparty Branford

Met veel begrip voor de bezoekers was er aansluitend een bescheiden afterparty in de gang georganiseerd waar nog even een paar jazzkrakers werden gebracht met hulp van Joost van Schaik, Mike del Ferro en Ruud Ouwehand. Voor één nummer wisselde de bassist ogenschijnlijk ten faveure van ’s andermans CV, maar achteraf lijkt het me Rob Dirksen te zijn geweest, contrabassist van het concertgebouworkest; jazz en noten, het blijft lastig. Vanaf de balustrade speelde het kwartet tussendoor nog en na een gezamenlijk slot nam Branford knuffelend afscheid van de collega’s. Fijn concert.

Aurelia

Je ziet: ik had de camera thuis gelaten. Foutje.

Uitgeblazen

JANUARY 13, 2007 – Following a two and a half year battle with MDS and then leukemia, Michael passed away. A memorial service is now being planned and details regarding the same will be posted here this coming Wednesday or Thursday. In lieu of flowers, we ask that donations be made to The Marrow Foundation’s TIME IS OF THE ESSENCE FUND. Many lives have been saved as a result of those who joined the National Marrow Donor Program at donor drives on behalf of Michael—and who were perfectly matching donors for others in need. There is much work to do, and we ask you to please join us in this effort. Thank you for all of your support.

(c) Henry Benson, used without permission

Het is dus toch zover gekomen, Michael Brecker (1949) is nu ook dood. Een introductie lijkt me niet nodig, en is nu trouwens toch te laat. Wil je nu alsnog al zijn werk voor anderen beluisteren, dan kun je hier beginnen. Maar hij maakte zelf ook goeie platen. Michael Was Een Hele Grote.
Bij mijn weten uitsluitend verguist -in een poging controversieel te worden- door altiste Candy D heeft Michael veel nummers kleur ingeblazen, heel veel nummers, waaronder Still crazy after all these years, Don’t let me be lonely tonight. En waar ik zelf Branford Marsalis als jazz cat nog net iets baanbrekender inschatte, bleek uit diens confessie dat Michael juist het grote voorbeeld van Bran is.

Volg ons even in a sentimental mood
..

A Love Supreme

A Love Supreme werd op de avond van 9 december 1964 opgenomen in Rudy Van Gelder’s legendarische studio in New Jersey. Pianist McCoy Tyner (afgelopen zaterdag ook nog van de partij in de Hudson) herinnert zich de ongewone, bijna magische sfeer die die session omgaf. “Rudy that day dimmed the lights in his studio. I’d never seen him do that and it sort of set an atmosphere. There was just something very, very special about that particular session.
Drummer Elvin Jones vertelt dat Coltrane “never wrote out any music for us. When he played we more or less had to imagine, or feel, how to interpret the song. And it got to the point where I felt I was almost part of his mind, almost telepathic in a way.
Het kwartet, waarin ook nog wijlen bassist Jimmy Garrison, had nog wel iets meer nodig dan een begin van een melodietje toen het de studio in ging. Tyner vertelt: “We had been playing some of that music and we didn’t know what it was going to be until we got into the studio. And then it all came together.

A love supreme staat her en der vermeld onder Religious Music. Coltrane zelf schreef “This album is a humble offering to Him. An attempt to say ‘THANK YOU GOD’ through our work, even as we do in our hearts and with our tongues.

Ik herinner me mijn eerste Mattheus Passion Live. Mijn gedachten dwaalden, na de initiële verbazing van het zien van partijen die je nog nooit gehoord had, automatisch af en ik raakte ondergedompeld in het geheel. Je hoort dan geen instrumenten meer, geen muziek, maar je voelt alles, je begrijpt wat er bedoeld wordt. Deze muziek werkt. En opeens is het klaar.
Een gelijke ervaring was voor mij de sterke uitvoering van A Love Supreme door Branford en zijn makkers (Joey Calderazzo, Eric Revis, Jeff “Tain” Watts) afgelopen zaterdag. Of zij het nou echt uitvoerden in een ultieme poging om Thank You God te zeggen betwijfel ik, maar dat ze de energie en sfeer van het verhaal beleefden was evident. Ook nu was het licht passend gedimd in de nep-PWA-zaal.

Na afloop waren wel weer een paar muntjes nodig om op adem te komen. Ik verwacht overigens niet dat het tot een jaarlijkse Naarden-uitvoering gaat komen, want erg toegankelijk is het niet. Een aanmerkelijk deel van de kaarten was kennelijk vergeven via prijsvragen en random-VIP arrangementen (“Bekend stuk, artist in residence, weleensvangehoord en gratis, dus zo erg kan het niet wezen?”). En blijkt dat Coltrane 42 jaar na dato zijn tijd qua jazz nog steeds zo ver vooruit is dat hij in staat is mensen de zaal uit te jagen. Dat lijkt grappig, maar is in het echt verschrikkelijk onbehoorlijk & storend.

Bring on the night!

>

Een onverwachte meevaller vandaag. Al platenbonnenverzilverend liep ik toevallig tegen de DVD van Sting’s Bring on the night (1985) aan.

Ik ben een groot fan van de Dream of the blue turtles, waar zo’n beetje voor het eerst doorgaans wat saaie popmuziek wordt gespeeld door de opkomende jazztoppers. Een riskant project (vergelijkbaar met Joni’s Mingus), al was het risico voor toen-al-miljonair Sting wel heel relatief. De muziekdocumentaire (directed by Michael Apted) laat muzikanten zien op een manier die mij erg blij maakt. Fantastische (zwarte amerikaanse) jazzmusici, niet te groot om met een (blanke britse) popmuzikant tot grote hoogte te stijgen. Fantastische lui, kleine ego’s. Echte mensen.Kenny Kirland speelde later bijvoorbeeld op Breckers eerste (1987) en is natuurlijk inmiddels overleden. Hakim en Jones spelen enkele jaren later nog memorabel op Scofields Still Warm (1990). Branford heeft -daarvoor en daarna- nooit iets fout gedaan. En Sting zelf? Sting blijkt een eerlijk vakman, een inspirator die weet wat-ie wil. Maar heeft wat mij betreft dit niveau niet meer gehaald.
In april 1988 opende hij de nu te slopen Statenhal in Den Haag. Ik was daar bij maar herinner me er niets van (anderen gelukkig nog wel).
In juni 2001 speelde hij hier in de buurt, dat weet ik nog wel. Maar zo’n band als deze was daar niet bij.

En zelfs het verhaal is mooi geflimd en boeiend. Uiteindelijk wordt de zaal, merkbaar nog in afwachting van het Police oeuvre- toch gewoon verpletterd. Mooie film jongens!

Prioriteit

Deze log was de afgelopen dagen soms niet bereikbaar, vernam ik. De oorzaak ligt niet in een onverwachtse piek in de belangstelling door een vermelding in een ander medium, maar in de bandbreedte die -kennelijk niet erg sociaal- wordt ingepikt door mijn bittorrent programma. Maar al had ik het geweten. Er zijn gelukkig mensen die oude en vaak unieke eigen TV-opnames op een DVD-tje willen hebben, en die en passant de rest van de wereld deze opnames willen laten backuppen, opdat wij niet vergeten. 

Branford Marsalis meldde onlangs nog -ongevraagd- dat hem één ding in de huidige muziekwereld erg opviel: vroeger waren de muzikanten altijd, dag en nacht, bezig met muziek, hoe dat anders en beter kon, wat ook leuk was en wat vind je hier van. Coltrane werd bijvoorbeeld direct na een uitputtend concert en kennelijk niet helemaal tevreden oefenend op een toilet aangetroffen; op zich kon hij al best een aardig deuntje spelen.
Dat is tegenwoordig vaak wel anders.

Hoe het vroeger in de popmuziek was toont de Unreleased Clips 1972-1980 DVD van The Old Grey whistle Test. Met zowel The Eagles als Joe Walsh zoals ze bedoeld waren. En Lowell George van heel dichtbij. Mooi hoor!