Waarom eigenlijk?

Als academicus wordt je geleerd ieder antwoord te wantrouwen totdat het onomstotelijk bewezen is. Dat is een goed principe, en ik houd me er aan. Het maakt een mens genuanceerd.

Ik heb me de afgelopen jaren -je moet in je vak op de hoogte blijven van de laatste ontwikkelingen- overgegeven aan de voortgeschreden technische mogelijkheden en heb me daar nu wel een beeld van gevormd, mogelijkheden en onmogelijkheden, nut en noodzaak. Technische onmogelijkheden zijn er steeds maar even, om vervolgens samen met weer een hoop nieuwe mogelijkheden te worden opgelost. Connectiviteit is het sleutelwoord bij al deze mogelijkheden, en waar je nog niet eens zo heel lang geleden moest hopen dat de buurman met de telefoon in de straat nog niet op bed lag als je wilde bellen, kun je nu op ieder moment praktisch iedereen -tegelijk en direct- benaderen met een tweet. Vooruitgang.

Toch? Ik geloof intussen van niet. Althans niet in die mate. Ik merk dat het me -terugkijkend- niet veel oplevert. Sterker: het kost me. De zogenoemde social media zijn wel lollig, maar er zit zeker een verslavingsaspect aan. Zoals een goede roker in een niet-rooksituatie bezig is met het volgende rookmoment, is een mens dat in verschillende sociale netwerken -inclusief games!- zit daar veel bezig. En het gaat nergens over!
Ik weet dat ik in het begin van dit blog als een heuse journalist rondleefde op zoek naar items en beelden. Leuk voor mezelf maar al gauw ook voor die paar lezers. Dat is niet zozeer fout, maar heeft wel als risico dat je het hier en nu vergeet te beleven: in wezen lever je het directe beleven in voor een beschouwende beschrijving van die beleving achteraf. Ik veronderstel dat een journalist die deformatie herkent. Ik heb het nog, trouwens.
Aan hoe meer gemeenschappen je deelneemt, hoe groter de druk wordt. Je bent zelf immers sociaal, en wilt netjes met je vrienden omgaan. Je wilt in je eentje minstens het tempo bijhouden van al je vrienden bij elkaar. Van de meeste weet je nog wel wie het zijn, maar dat is -in de facebook wereld bijvoorbeeld- al lang niet meer wederzijds. En je leert ze wel kennen van hun verslag van hun doen en laten, maar net zo min als dat ik echt iets van mijn tong laat zien, is dat op zijn gunstigst een eenzijdig vertekend beeld. Een parallelle schijnwerkelijkheid, waarin je zelf meespeelt.

Zo leef ik dus op dit moment -bescheiden maar meer dan genoeg- in een aantal werelden. Waar niets is wat het lijkt. Waarin @dijkshoorn mijn vriend helemaal niet is. Waarbij ik Ilse eventjes wel vertrouwde, maar waar ze nu wel heel erg haar platenmaatschappij lijkt te zijn geworden. Waar de meeste uitingen of zinloos (ik sta pannenkoeken te bakken) of eigenbelang (kijk mij eens, ik kom binnenkort met een nieuwe CD, er zijn nog kaarten voor Helmond beschikbaar, stem op mij) zijn. Een kleine minderheid is wel gezellig en zonder bijbedoelingen, maar daar heb je het dan ook mee gehad. Er zijn verschillende virtuele werelden ontstaan, die vertekend zijn, maar zo levensecht dat ze je meeslepen. Is dat erg? Op zich niet, maar de rekensom is simpel: aan hoe meer werelden je deelneemt, hoe minder tijd je per wereld hebt. Ik merk intussen dat ik minder tijd heb. Vooruitgang?

Er is één werkelijkheid die je niet kunt kiezen: je fysieke werkelijkheid. Met je gezin, familie, buurt, collega’s en overige mede-aardbewoners -als mens, niet als account. Daar moet het gebeuren, en nergens anders.
Iedereen die zichzelf serieus neemt -politiek- moet draaien om die omgeving, welzijn, geluk en zo. Economie is -als het al wat is- een middel om welzijn te realiseren voor zo veel mogelijk mensen. Goed bestuur meet je af aan het aantal ongelukkige mensen in je verzorgingsgebied, zo weinig mogelijk uiteraard. Gelukkig wordt je van weinig zorgen, genieten van de zon of een inspirerend optreden, enfin verzin zelf maar. Men vergeet dat licht als men al een tijdje in het pluche zit.
Hoe kom ik nou ineens bij die politiek? Die doet ook vrolijk mee in de verschillende schijnwerelden; het is vaak erg van belang hoe het lijkt, en minder hoe het is. Symboolpolitiek, opportunisme en heel veel meer van dat soort begrippen. Macht wordt vanzelf een doel als je er eenmaal in zit. Oneliners, de vele social media: een gewaagde opmerking wordt direct uit het verband de wereld in getwitterd en nagepraat en voor je het in de gaten hebt sta je jezelf weer te verdedigen voor iets dat je genuanceerder bedoeld had. Vooruitgang.

Ik maak de tussenbalans op, gefundeerd op eigen waarnemingen, empirisch. Een deel van deze nieuwe mogelijkheden leveren me eigenlijk niks op, sterker: ze gaan ten koste. Er moet dus wat veranderen. Na schoolbank gaat nu dus ook facebook in de vuilnisbak. Twitter mag nog heel even blijven om de afkickverschijnselen beperkt te houden, maar gaat er binnenkort ook aan geloven. The last tweet.

2 gedachten over “Waarom eigenlijk?

  1. goed geschreven stuk.
    tijd kan je slechts 1x besteden. aan ieder de persoonlijke keuze aan wat en aan wie.

Reacties zijn gesloten.