Blaauw

As we speak vindt het afscheid van Prof. Dr. G.A. Blaauw plaats, een wereldwijde grote naam in de computerwereld van de afgelopen eeuw. Je kunt denken dat als hij het niet gedaan had (hadden we dan nu 36-bits Windows?) iemand anders dan vast uiteindelijk wel, maar hij verdient de credits voor een computerarchitectuur die nog steeds meedoet. Hij is bijna 94 jaar geworden en ik ging er eerlijk gezegd van uit dat hij al heel lang geleden overleed. Blaauw is in mijn beleving haast legendarisch als Edsger Dijkstra (1930-2002) en iemand om als Nederlander trots op te zijn, ook al hebben we daar individueel geen bal mee te maken.

Het gebouw van Wiskunde tevens rekencentrum zoals dat er vandaag bij ligt

Blaauw was professor aan de Universiteit in de periode dat ik daar Computer Science studeerde, al studeerde ik af bij professor A.J.W. Duijvestijn (1927-1998).

Wandelen

Ja, je kunt hier mooi wandelen. En wonen.

Landgoed Lonnekermeer, Hengelo. Huize Oosterhof is inmiddels opgeknapt door eigenaar Arend de Groot. De rijksmonumentale villa is weer goed te zien, omdat er langs de vijvers doorkijkjes zijn gemaakt, zoals vroeger ook het geval was.

Landgoed Singraven, Denekamp. In 1959 heeft Mr. Laan het Huis met het gehele landgoed onder het levenslange recht van vruchtgebruik overgedragen aan de Stichting Edwina van Heek voor de symbolische som van ƒ 1,00. Op 17 juli 1966 is Mr. W.F.J. Laan na een kortstondige ziekte gestorven.

Landgoed Twickel. Vlakbij het Twentse stadje Delden ligt het kasteel Twickel temidden van een prachtig landgoed van 4000 hectare. Het afwisselende landschap bestaat uit zacht glooiende akkers en weilanden, bossen en eeuwenoude eiken, heidevelden en vennen. Daartussen slingeren zich beken en houtwallen.
Op het landgoed bevinden zich zo’n honderdvijftig boerderijen, herkenbaar aan zwart-witte luiken, en andere gebouwen zoals twee watermolens, de watertoren en de houtzagerij. De zorg voor dit alles berust bij de Stichting Twickel. 

 

Random Access Memory

Je kunt je oprecht verbazen over de enorme opslagcapaciteit van ons eigen geheugen. Een korte blik op een minuscuul fotootje (bv. een zwartwit groepsfoto met 50 personen van zo’n 3 x 6 cm) activeert onmiddellijk de juiste associaties en plaats, jaar, aanleiding, en wat er daarvoor en daarna verder gebeurd is komen moeiteloos naar boven vanuit de opslag van een 92-jarige. Het gaat dus niet om de hoeveelheid foto’s, noch om de kwaliteit ervan, hoewel dat laatste het voor hen die er toen niet bij waren wel veel leuker maakt.

Fam. Meijer compleet op een feestje, Vlissingen eind jaren zestig. Opa heeft een zere duim en de jurken zijn vast allemaal door Jenny gemaakt.

Of deze dan: die Henk toch! Gauw een foto van maken, láchen!

Henk A. op balkon, medio jaren 50, Gravendeel of Maassluis o.i.d.

Niet bepaald gestoken, maar toch zien we een hoop. Een stukje skyline, een braakliggend terrein, een buitenkraantje waar je tegenwoordig als kind je hoofd aan kunt stoten en een tuindeur met enkel glas en stopverf in de plamuur. Een rokende schoorsteen doet winter vermoeden. Het is eigenlijk niet eens duidelijk of Henk hier als in een homevideo is omgevallen met de emmer waar hij in klom, of dat hij gewoon gebiologeerd op zijn hurken achter de zinken emmer zit. Dat laatste zal geen aanleiding zijn geweest voor een foto-opname, lijkt mij.

Een ander balkon, 60 jaar later.

Donald zonder Walter

Walter Becker (1950-2017) is er niet meer bij. De media verspreidden razendsnel dezelfde wikipedia-achtige stukjes over Steely Dan waarin met name de herkomstverklaring van de bandnaam met een verwijzing naar een boek dat niemand kent relevant gevonden wordt en iedereen blijkt ineens altijd al fan te zijn geweest. Was dat het dan?

Ik ben eerlijk: van het duo had Donald wat mij betreft de beste kaarten. Ik hoor zijn soloplaten (Nightfly, Kamkiriad, Morph the Cat en Sunken Condos) soms nog liever dan de SD-platen (“CD’s”) omdat ze persoonlijker zijn, ik skip altijd Book of Liars, het enige nummer op een SD-plaat dat Walter zingt. Ik heb Walter’s soloplaten elk één keer beluisterd.
Maar dat is niet eerlijk. Waar McCartney zonder Lennon me minder bekoort dan mét en andersom net zo, zo was Steely Dan zonder Walter beslist niet hetzelfde geweest. We moeten Walter dus zeer serieus nemen.

Dan luisteren we als eerbetoon dus de hele week tijdens autoritjes naar een mix van het oeuvre Steely Dan, de tien platen van 1972 tot 2003. Tracks die in een normale week overigens ook nog regelmatig voorbij komen.

Voor hen die opgroeiden met SD zijn het allemaal bekende liedjes en je vergeet door de vanzelfsprekendheid vaak weer de brille van het duo en hun  allerbeste muzikanten. Je neuriet en trommelt moeiteloos de geavanceerde chord progressions, solo’s en harmonieën mee. Zij die er niet mee opgroeiden begrijpen het vaak niet; ze vinden het te smooth en te jazz (jazz??), terwijl het de jazz-puristen weer veel te pop of klinisch is. Zo is er altijd wat.

Ik herinner me dat van Can’t buy a thrill werd geschreven dat kenners wel hoorden dat we hier niet met een eendagsvlieg van doen hebben. Ik probeerde me in deze kenners in te leven en vond het een achteraf wel makkelijk te scoren inzicht.

Vanmiddag hoorde ik het. Het openingsnummer van die eerste plaat, de geboorte van Steely Dan, Do It Again. Zo bekend dat je afgezaagd gaat vinden totdat je weer door het liedje heen luistert. Dat intro alleen al: eerst 15 seconden ritme met alleen congas, cymbal en andere latijnsamerikaanse snuisterijen, vervolgens maken bas, elektrische piano en gitaar er een geraffineerd geheel van, duurt het tot 0:45 voordat het akkoord verandert (een effect zoals bij “Kommt, ihr Tochter, helft mir klagen” (BWV 244)) en op 1:15 begint het nummer waar het in mijn hoofd al mee begon: “In the morning you go gunning for the man who stole your water..”. Vervolgens deinen we lekker mee met de groove van Walter tot het eind en vergeten we onderweg gewoon de bizarre gitaarsolo van een minuut gevolgd door de dito toetsenimprovisatie.

Nee, dit waren geen eendagsvliegen, en dan hebben we het nog maar over nummer 1. Niemand wist nog dat het 30 jaar later zou eindigen met de totaal andere maar ook geweldige lazy Keith Carlock-groove van Everything Must Go.

Luister ook weer eens naar de intro-riff van Brooklyn (Owes The Charmer Under Me).

foto’s: artwork van Citizen Steely Dan en Everything Must Go.

Streekwandeling

IMG_5155

Tot de vele fijne dingen in Twente behoort het Twents en de vruchten van een flink aantal onbesproken Twentse Talenten. Willem Wilmink is om trots op te zijn al is dat helemáál niet mijn verdienste. Oplettende kijkers hebben het bundeltje Heftan tattat! al wel in de boekenkast van deze site zien staan maar dit zeer herkenbare genöal kan ook tijdens een boswandelingetje genoten worden.

Bronzen asbak

B&B04

De dolle avonturen van Boss en Bolle – Klaar terwijl u wacht, Ibanez 1971

“Nou is mijn (mooie nieuwe) bronzen asbak ook al gebarsten” zeg je bijvoorbeeld wanneer je iets geheel ongerelateerds wilt zeggen als overtreffende trap bij een ellendig verhaal van een ander.